
Tussen het stinkende zeewier spotten we twee rode ibissen (happy moment).
👫 Crew momentjes: We moeten even wennen aan ons ‘vrije leven’. Martin is nog steeds bezig met het maken van een automatiserings-boekhoud-tool zodat het gemakkelijker wordt om onze boekhouding bij te houden. Dat gaat nog niet zo gemakkelijk. Ik houd me bezig met het plannen van een eerste ronde familie en vriendenbezoekjes als we naar Nederland gaan én met de eiland-verkenningsplanning voor de komende weken. Dat vraagt ook tijd. Het wordt een leuk vooruitzicht: veel mooie eilandjes om te bezoeken 🥳. We zijn benieuwd of het volgend jaar, ook voor meezeilgasten, een goede bestemming is.

Veeeeeel eilanden en veeel baaitjes bij de British Vigin Islands (BVI's).
De Britse Maagden Eilanden is een groep van zo’n 50-60 eilandjes bij elkaar. Er zijn vier wat grotere en min of meer bewoonde eilanden met in totaal zo’n 31.000 inwoners (Virgin Gorda, Tortola, Anegada en Jost Van Dyke). De meeste mensen wonen op het eiland Tortola (zo’n 24.000). Op Vrigin Gorda (waar we nu zijn) wonen zo’n 3500 mensen. 1000 inwoners minder dan ons dorp Dodewaard. De overige eilanden zijn privé bezit van miljardairs (Necker Island en Mosquito Island zijn bijvoorbeeld door Richard Branson gekocht) of het zijn beschermde natuurparken met prachtige riffen en stranden. En het is, zoals zoveel van deze jet-set eilanden, een belastingparadijs. Ik begrijp dat eerlijk gezegd niet en ik begrijp al helemaal niet dat deze mensen er trots op zijn dat ze zo weinig belasting betalen.
Als iedereen zijn of haar deel belasting ‘gewoon’ zou betalen zou er minder armoede in de wereld zijn, denk ik. Het is in ieder geval ‘tekenend’ voor de sfeer op sommige plekken. Daar bedoel ik mee dat steeds meer plekken of delen van het eiland ingepikt worden door mensen met veel geld. Zij maken deze plekken vervolgens exclusief toegankelijk voor de ‘happy few’. Publieke ruimte en het belang en plezier van publieke ruimte voor lokale inwoners wordt opgeheven ten gunste van mensen die vooral gericht zijn op eigen belang en eigen plezier.
We hebben het gezien op Saint Lucia, op Antigua, St. Kitts… en nog veel meer eilanden. Het komt overeen met een artikel over Jamaica dat in de Vertrekkers-appgroep gedeeld werd ( https://elegance.nl/artikel/677061/het-paradijselijke-caribische-eiland-waar-de-inwoners-geen-recht-hebben-om-de-stranden-te-gebruiken). Ook dit keer worden we geconfronteerd met de ‘resortisering’ van een eiland. Martin en ik willen namelijk naar het bergtopje ‘Cow Hill’ wandelen. Op Google Maps en ook op onze OsmAnd wandelapp, zien we er (vrij toegankelijke) wegen naar toelopen. Maar nee, de praktijk is anders. De wegen die op de kaart staan liggen achter een hoge omheining en een toegangspoort met een portier. Als we aan de portier vragen of we naar de Cow’s Hill kunnen wandelen zegt hij: “Dan moet je reserveren per telefoon.” “Uuuhm, we hebben hier geen bereik met onze telefoons, dus bellen gaat een beetje moeilijk.” Martin denkt dat we alleen toegang krijgen als we een plek in het resort reserveren en ik denk dat we toestemming moeten vragen zonder dat we daar persé voor betalen. Hoe dan ook: Een klimmetje naar de Cow’s Hill zit er deze middag niet in. We proberen nog via een andere route Cow's Hill te bereiken maar zien alleen maar afrastering en hekken.

Dus het wordt een wandeling aan de andere kant van het eiland (het is allemaal niet zo groot, dus na een kilometer zit je aan de oostelijke en winderige kant van het eiland). Ik zeg tegen Martin dat ik de luxe uitstraling, die in de boekjes beschreven staat, niet direct herken. We lopen langs, grotendeels, functionele huizen (ik noem het ongezellig en rommelig) met vaak heel veel spullen rondom het huis, zoals auto’s, bouwmaterialen, stoelen, jerrycans en meer… (jammer genoeg heb ik geen foto’s gemaakt van deze typisch Caribische plaatsen). Én het stinkt… de lucht is niet helemaal te definiëren, maar we komen al snel tot de ontdekking dat de lucht veroorzaakt wordt door de bergen zeewier die op het strand liggen en voor de kust in zee drijven. Het stinkt in ieder geval als een bunzing en het lijkt me eerlijk gezegd een drama om hier te moeten wonen. Altijd in de zeewier-stank. Het wordt duidelijk dat het eiland meerdere gezichten heeft. Er zijn plekken met mooie stranden, prachtige riffen en beschutte baaien (de westkant van het eiland). Hier liggen de luxe resorts en staan de mooie huizen met prachtig uitzicht. En aan de andere kant van het eiland, waar de wind, de zeewierlucht en zee, vrij spel hebben, staan dus andere huizen 🙃 en wonen andere mensen.


Onderweg schuilen we voor de regen in een hutje dat we tegenkomen.
Op donderdag liggen we nog steeds op dezelfde ankerplek als bij aankomst. Net voor Spanish Town. We willen een dag gaan fietsen en Martin krijgt de wonderschone taak om alle fietsonderdelen bij elkaar te zoeken (die liggen verspreid door de boot) en in elkaar te zetten. Martin is er ruim twee uur mee bezig en komt dan tot de ontdekking dat het derailleur van mijn mountainbike gebroken is. Snotverdikkie. Daar heb ik echt slechte zin van, dat is een stevige domper op mijn eilandvreugde. Waarschijnlijk heeft de fiets alle flessen water, extra diesel voorraad en boodschappen in de bakskisten niet overleefd 😭. Martin's stoere Rockrider mountainbike heeft hier en daar ook wat deukjes en roest opgelopen en de fietssloten lijken zout water binnengekregen te hebben, waardoor ze niet meer open willen 😤. Volgens Martin heeft treuren geen zin en hij geeft me de tip om mijn goede zin niet te bewaren voor later, maar meteen in te zetten. Daar wordt onze dag leuker van. Ik blijf nog een uur mokken, maar moet Martin dan toch gelijk geven. Laten we er maar het beste van maken 😮💨.
We halen het anker op en vertrekken naar een volgend baaitje, met, je raadt het al: mooi wit strand, een rif om te snorkelen én, als de zon schijnt, een prachtig blauwe zee. Vandaag is er maar weinig zon en dus geen prachtig blauwe zee. Het waait als een dolle over de ankerplek en we krijgen een paar fikse buien op ons dak. En toch blijft het een plaatje om hier te ankeren en geweldig om te snorkelen 🤩. En om onze feestvreugde te verhogen drinken we alvast een glaasje wijn, het is tenslotte bijna weekend!

Lots of sargassum in het Caribisch gebied.
Logboek
🌍 Vertrokken vanuit: Saint Thomas Bay (Spanish Town) in Virgin Gorda 16.02 uur.
📍 Aankomst: Savannah Bay - Virgin Gorda 16.42 uur.
🌦️ Weersomstandigheden: 🌦️ Overwegend bewolkte dagen met regelmatig een heftige stortbui. De raampjes blijven ’s nachts dicht omdat het té vaak regent. Temperatuur tussen de 24℃ - 30℃.
🗺️ Aantal mijlen: 2.11 mijl
🐢 Gemiddelde snelheid: 3.5 knopen. Maximale snelheid: 5.9 knopen.
🌬️Windrichting en windkracht: Oost 12 - 29 knopen. Gemiddelde windsnelheid: 17 knopen.
🏍️ Motorstand/motor uren: 6526 - 6526 = 0,5 uur op de motor
⛵️ Zeilvoering: Op de motor naar onze nieuwe baai gevaren. Het stikt hier van de riffen, dus het bereiken van een ankerplek is iedere keer een spannende onderneming.
🍵 Uit de kombuis: Ontbijt: Een voorverpakt stokbroodje uit de oven met vijgenjam en kaas. Lunch: yoghurt met banaan en cruesli. Vandaag en gisteren hebben we twee keer hetzelfde gegeten. Ik heb een ‘lasagna’ gemaakt van aardappel, aubergine en courgette met een rijkelijke hoeveelheid bechamelsaus en kaas. Niet zo goed voor ons cholesterol gehalte ben ik bang maar wel lekker.